Mijn eerste reis Bosnia and Herzegovina Bosnia and Herzegovina   20:04

Reisverslag

Eefje, 29 november 2007
Bosnia and Herzegovina Bosnia and Herzegovina , Grude


Flashback: bouwkamp Grude 2005

De volgende bestemming van onze reis, was Grude, een dorpje in het zuiden van Bosnie. Grude was onze eerste kennismaking met dit land. Afgelopen maand hebben we er een kleine reünie gehouden met een stel vrienden.

Het verslag hiervan volgt later. Dit keer neem ik jullie echter een stuk terug in de tijd. Naar juli 2005 om precies te zijn.

2 jaar geleden zijn we met 9 jongeren naar Herzegovina getrokken om er een bouwkamp te doen. Dit bouwkamp is een heel avontuur geweest. We hebben er huisjes van oude vluchtelingen opgeknapt en leefden 3 weken in een vluchtelingenkamp. Het kamp is voor elk van ons een ingrijpende ervaring geweest. De vriendschappen die toen gesmeed zijn en de grote liefde voor dit land en cultuur, maken dat we telkens opnieuw naar deze streek toegezogen worden. Voor mij is het ondertussen mijn 4e bezoek aan dit land, en ik ben daarmee verre van recordhouder.

Voor de gelegenheid heb ik mijn verslag over het bouwkamp nog eens opgediept (en enigszins ingekort). Voor diegenen die nog nooit in Grude zijn geweest, zal dit bouwkampverhaal misschien helpen om het volgende (Grude anno 2007) beter te begrijpen. Al geef ik toe, het is een serieuze boterham.

Diegenen die er wel bij waren, kunnen nog eens herinneringen ophalen aan toen. Ik vond het zelf alleszins fijn om deze tekst na twee jaar nog eens terug te lezen. Sommige dingen zijn gebleven zoals ze waren. Veel andere dingen zijn veranderd. Sommige mensen zijn nu dood, anderen zijn gewoon ouder geworden. Bij de ene is dat laatste er sterk aan te zien. De anderen lijkt de tand des tijds dan weer moeiteloos doorstaan te hebben.

Ook wij zijn veranderd in tussentijd. Mijn beeld van het land is alleszins sterk gewijzigd in de loop der jaren. Vele dingen heb ik moeten relativeren, veel vooroordelen zijn verdwenen. Straffe verhalen die we voor vertrek gehoord hebben, nemen we ondertussen met een grote korrel zout.

Dames en heren, mag ik u voorstellen: Grude zoals het was in 2005:

Zaterdag 9/7
Om 4:20u stapten we met zijn 9 in een bouworde-busje en vertrokken we richting Bosnie-Herzegovina. ’s avonds kwamen we aan in Ljubljana, waar we afgesproken hadden met 2 Slovenen, Dean en Gugi. Zij hadden een slaapplaats voor ons geregeld in een studentenhome. Op restaurant hebben we een boeiend gesprek gevoerd met die mensen over de politiek en de oorlog in Slovenie en Joegoslavie.
Ze zagen het echter niet goed zitten dat wij naar Bosnie trokken. “veel te gevaarlijk, zeker voor meisjes” (2/3e van onze groep waren meisjes)

Zondag 10/7
De volgende ochtend reden we verder naar Bosnie. Op aanraden van Dean niet de weg langs de Kroatische kust genomen (files), maar wel die door het Bosnische binnenland. Hier hadden we geen autostrades, maar wel een prachtig uitzicht: mooie landschappen, typische huisjes en dorpjes (al dan niet kapotgeschoten), enzovoort. We hadden er wel de waarschuwing bijgekregen niet te stoppen voor lifters of mensen met autopech, ze zouden wel eens andere plannen met ons kunnen hebben.
Nog een nadeel van deze route: we reden dwars door Servisch gebied, waar het schrift Cyrillisch is. Op onze kaart stond alles aangeduid in het Latijnse schrift. Het werd een lastige opgave dus om de weg te vinden. Na ettelijke keren de weg vragen en gepuzzel met de hulp van een boekje Nederlands – Servokroatisch, waarin de letters in de twee schriften vertaald stonden, hebben we de weg naar Grude gevonden.
In Grude werden we opgewacht door Frans, de coördinator van het project. Hij wees ons de weg naar het vluchtelingenkamp waar we 3 weken zouden wonen. Nadat we daar rondgeleid waren en onze spullen in onze container hadden gedropt, zijn we iets gaan eten in de “Kiwi”. Dat restaurant werd ons aangeraden door Zvonko, de baas van het kamp, en bleek later het chicste restaurant uit de stad te zijn. Wij hadden net dat vluchtelingenkamp gezien en voelden ons er al vrij decadent. Niet dat het eten er duur was, 3€ voor een hoofdgerecht.

Maandag 11/7
’s ochtends zijn we het kamp wat gaan verkennen. Daar kwamen we Maria tegen, een vrouw van in de 40, die ons uitnodigde om bij haar thuis koffie te komen drinken. De koffie betrouwden we niet echt (hun water is niet drinkbaar voor ons en hun koffie nogal straf), maar we waren wel nieuwsgierig naar hoe de kampbewoners hier leven, dus we sloegen haar uitnodiging niet af en gingen mee. Ze woonde in een kleine container, samen met haar 6 kinderen. Overdag moesten de matrassen op een stapel gelegd worden om nog rond te kunnen lopen in die kamer. Kasten had ze niet. Al haar spullen lagen opgestapeld in een hoek van de kamer. Hoewel ze wel een tv had en de dochter met een gsm rondliep, was het daar armoede troef.
In de late voormiddag kwam Frans om ons het huisje van Jerko en zijn gezin te laten zien. Dat huisje moesten wij opknappen: muren en plafond herstellen, afwassen en schilderen, een kast herschilderen en een schoorsteen bouwen. Ik had geen idee hoe je daaraan begint, maar we vertrouwden op Joos zijn bouwkunsten.
Daarna hebben we nog een rondleiding gekregen door Grude, waar ze ons de belangrijkste winkels hebben aangewezen. De rest van de dag gevuld met rondrijden, eten kopen en koken, spelen met de kindjes op het kamp, enzovoort.
Ook hebben we 3 grote potten kraantjeswater gekookt, zodat we onze tanden of onze groenten konden poetsen met water waar we niet ziek van werden. Het is de eerste en de laatste keer geweest dat we dat gedaan hebben. Te veel werk. We zijn daarna gewoon voorzichtig geweest: afwas goed afdrogen, groenten schillen, en veel flessenwater gebruiken.
Ook hebben we kennis gemaakt met Yvan. Wij noemen hem “Fidel” (hij ziet eruit als Castro). Ons voornemen: bij die kerel uit de buurt blijven. Maar de mens bleek al snel ongevaarlijk. Hij zat iedere dag van 5 uur ’s ochtends tot 10 uur ’s avonds voor de schoolpoort te wuiven naar alle voorbijgangers.

Dinsdag 12/7
Naar huisje van Jerko gedaan en dat beginnen leegmaken. Opnieuw cultuurshock. Dat huis was vuil, onvoorstelbaar. Wij waren er vies van. Kuisen kennen ze daar niet. Een afgewassen glas bij hen is vuiler dan een niet afgewassen glas bij ons. Tandenborstels die zwart zagen, tandenstokers vermengd met zand en spinnenwebben, … Wij doen er handschoenen voor aan om die op te ruimen, zij steken dat in hun mond. (die tandenborstels hebben we trouwens later nog cadeau gekregen van de vrouw des huizes) In de slaapkamer van die mensen stonk het overigens verschrikkelijk. Wij leven in een smetvreescultuur. 2 uiteresten tegenover elkaar. Wat we daar te zien kregen tartte onze verbeelding.
Nadat de kamer leeg was konden we beginnen aan de grote opknapwerken.
Hierbij zouden we ook 2 weken lang de hulp krijgen van Milenko, een buur van Jerko die Engels en Duits sprak en bereid was om wat te tolken. Bovendien kende hij ook wat van bouwen en verbouwen, dus kon ons nog raad geven ook.
Jerko zelf was een oude man, die zelf niet meer in staat was om nog veel werk te verrichten. Hij was tijdens de oorlog met zijn gezin gevlucht en in dat huisje terecht gekomen. Zijn vrouw, Anicka, was niet meer helemaal bij haar volle verstand. Zij liep de hele dag te oreren tegen ons, tegen haar kippen, tegen haar waterput, enzovoort. Toegegeven: wij hebben vaak hard gelachen om haar gedrag. Voor Jerko is de situatie wel erg, die heeft zijn handen vol met haar. Bovendien zijn ook hun twee zonen geestelijk gestoord. De ene zit in een instelling omdat hij te gevaarlijk was. De andere woont nog thuis, maar krijgt een hoop pillen om hem kalm te houden en werd meestal opgesloten in een achterkamertje omdat hij vaak te agressief wordt. Schrijnende toestanden. Op een bepaald moment realiseerde ik mij dat die zelfs niet buiten kwam om bijvoorbeeld naar toilet te gaan …
’s avonds hebben we een rustige avond op kamp gehad. Wat met de kindjes gespeeld, met de oudere gasten gevoetbald, … Bovendien had iemand van onze groep een gitaar bovengehaald en is liedjes beginnen zingen.
Spelen met de kinderen, luisteren naar Joos zijn gitaarmuziek en wat rondhangen met onze leeftijdsgenoten in het kamp, het zou de volgende drie weken dagelijkse kost worden.

Woensdag 13/7
Op de werf waren de muren gisteren volledig afgekrabt, dus vandaag konden we beginnen deze te plamuren. Niemand van ons had dat al gedaan, maar Milenko heeft ons geleerd hoe het moest.
Milenko begint het vrouwelijke deel van onze groep overigens te ergeren. Hij staat nogal minachtend tegenover ons, vrouwen zijn achterlijk, en zeker bij mannenwerk als dit. Bovendien lijkt hij ons vooral als lustobjecten te zien. Vandaag is hij mijn benen komen afwassen. Als hij wil laten zien hoe we iets moeten doen, komt hij achter ons staan, pakt onze handen vast en drukt zijn hele lijf tegen ons aan. Bij Sarah is hij met een vork aan haar achterwerk komen krabben. Vies ventje, spijtig dat we hem nodig hebben voor de schoorsteen.

Donderdag 14/7
Tijdens het afwassen ’s avonds een beetje aan het ravotten geweest met Joos in de keuken van het kamp. Maar zoals gezegd, hier hebben ze andere ideeën van wat proper is. De vloeren zijn daar glad van het vet. Ben erop uitgeschoven, volle vaart tegen een tafel aangeknald, rib gekneusd. 3 weken last van gehad.
’s Avonds zijn de jongens die we de avond tevoren hadden leren kennen allemaal naar het kamp gekomen. Dit keer hadden wij voor drank gezorgd. Tot laat in de avond aan het praten geweest met die gasten. Het valt op dat ze allemaal stuk voor stuk jonger zijn dan wij ze zouden inschatten. Ze zijn allemaal vroeger volwassen geworden. Waarschijnlijk zit alles wat die jongens hebben meegemaakt daar wel voor iets tussen.

Vrijdag 15/7
Vandaag eerste laag verf op plafond en muren gezet. Ik heb ook een tijd aan het schilderen geweest. Tot het bankje waarop ik stond het plots begaf. Het hout bleek een beetje rot te zijn. Tegen de grond gesmakt. Pols en elleboog pijn gedaan, voet bezeerd, wat schrammen en blauwe plekken op mijn dij, beetje duizelig van het verschieten. Maar al bij al bleek het nog goed mee te vallen. Het hele weekend rondgelopen met een verband om mijn elleboog en stevige schoenen om mijn voet wat te beschermen. Daarna kon ik er weer tegen.
Na het werk nog even gaan zwemmen in een riviertje in de buurt. Frans had ons afgeraden van te gaan zwemmen omdat er wel eens menselijke resten durven ronddrijven die tijdens de oorlog niet diep genoeg begraven waren wegens gebrek aan tijd en die aan de oppervlakte komen als het regent en dan meespoelen. Maar we wisten ondertussen dat Frans graag overdrijft en dat er wel vaker gezwommen wordt, dus we besloten het erop te wagen. Het was erg warm, dus de afkoeling was meer dan welkom. Menselijke resten zijn we er niet tegengekomen. Wel een stuk skelet van een hond. Onze kersverse biologe heeft het ding mee naar huis genomen.
’s avonds kregen we, zoals steeds, het gezelschap van Daniel (een ex-kampbewoner). Hij vertelde over de oorlog, over Bosnie, over Kroatie, over hoe het leven er nu is en over de relaties met de Serven en Moslims, over zijn wapens, enzovoort. We waren allemaal sterk onder de indruk.
Wat mij het sterkst is bijgebleven uit het gesprek:
- Dat de haat tussen Kroaten en Serven nog steeds groot is, maar dat ze gewoon gestopt zijn met elkaar te beschieten. “als ik naar Sarajevo ga, plak ik tape over het Kroatische schildje op mijn auto en doe ik het kruisje om mijn nek uit. Gelukkig kan je niet op iemand zijn gezicht zien of die Kroaat, Serv of Turk is”. “Als je enkele jaren geleden in Sarajevo liet zien dat je Kroaat was, werd je doodgeschoten. Als ik nu naar Sarajevo ga en ze zien dat ik Kroaat ben, zouden ze krassen in mijn auto zetten.”
- dat Bosnie nog lang niet ontwapend is en dat dat niet snel zal gebeuren. “waarom zouden we onze wapens weg doen? Het is nu geen oorlog meer, maar 13 jaar geleden is de oorlog ook begonnen zonder dat we het verwacht hadden, waarom zou dat nu niet kunnen gebeuren?”
- Dat wapens daar bij de cultuur zijn gaan horen. “wapens zijn hier normaal, ik was 7 toen ik er voor het eerst een vast had. Ik was te klein om dat te laden. Ik moest dat met mijn voet doen.”; “jullie hebben jullie chocolade, wij hebben onze machinegeweren”. “af en toe gaan we daar wat mee schieten in het bos, dat is leuk, en er is toch niemand die het hoort of ziet”

Zaterdag 16/7
Weekend, niet werken dus. We zijn in ons busje gestapt en naar de Kroatische kust gereden, waar we een slaapplaats vonden in een klein dorpje. Na een zware werkweek was een luilekkermiddagje aan het water meer dan welkom.
Zondag 17/7
’s ochtends lang uitgeslapen en daarna vertrokken richting Dubrovnik. Daar hebben we rondgelopen op de stadsomwalling, waar je een indrukwekkend uitzicht hebt over de stad. Absoluut de moeite om gezien te hebben. Helemaal anders was de stad zelf. In de straten van Dubrovnik zag het zwart van de toeristen en was er niet veel te zien behalve ontelbare toeristische winkeltjes. Bovendien was het er broeiend heet. We zijn er dus niet lang gebleven en zijn in de loop van de namiddag terug in ons busje gestapt en hebben opnieuw een plaatsje opgezocht waar we in zee konden springen.

Maandag 18/7
Fijne verrassing toen we terugkwamen op de werf. Een schorpioen had post gevat op onze pas geverfde muur. Het beestje heel voorzichtig buiten gezet.
Op de werf hadden we ondertussen met wat problemen te kampen. We hebben laat doorgewerkt.

Dinsdag 19/7
De werken gaan verder, Jerko en Anicka hebben nu een smurfenblauwe keukenkast, mooie witte muren en ook de schoorsteen begint vorm te krijgen.

Woensdag 20/7
Zoals iedere werkdag stonden we om 08:00u op de werf. Jerko maakte zich druk over iets, het was ons niet duidelijk wat. Milenko gaf tekst en uitleg: “het is een feestdag vandaag. Jullie mogen niet werken”
Daniel had eens gesproken over Kravitze, een plaatsje met mooie watervallen, waar we zeker eens moesten naartoe gaan. Dit leek ons daarvoor de ideale moment. Het water was er vreselijk koud, maar de watervallen waren prachtig. We konden tot daar zwemmen en op de rotsen onder het neervallende water gaan staan. Heerlijk.
Terwijl we daar wat aan het rondzwemmen waren langs de rotsen, zag iemand onder de waterval slangen zitten. We gingen ervan uit dat het waterslangen waren, ongevaarlijk, dus gingen nieuwsgierig wat dichterbij kijken. Tussen twee stenen lagen een bruine en een blauwe slang opgerold in hun nest. ’s Avonds hadden we bezoek van Daniel en Mario, die we steeds op de hoogte hielden van onze belevenissen. Toen we vertelden dat er een bruine en een blauwe slang lag trokken ze grote ogen. “oh, stay away from the blue ones, they will kill you”. Wij hadden erop staan kijken vanop misschien een meter afstand. *slik*
Onderweg van Kravitze naar huis nog even langs Medugorje gepasseerd. Een bekend bedevaartsoord. Maria was hier al een aantal keer verschenen. Het dorp wordt ook het “dorp van de vrede” genoemd. Aan de toegangswegen naar het dorp staan nog steeds verbodsborden voor tanken en wapens.

Donderdag 21/7
Op onze eerste werf begint alles wat vorm te krijgen. De schoorsteen, de kast en de muren zijn zo goed als af. Morgen nog een paar dingetjes afwerken en dan naar de volgende werf.
’s Avonds hebben we de kinderen in het kamp chinese voetbal, dikke bertha, blinddoekje en kat en muis leren spelen. Ons Kroatisch wordt er hoe langer hoe beter op, net als onze gebarentaal.

Vrijdag 22/7
De laatste hand aan de schoorsteen is gelegd. De eerste rook is eruit gekomen. Een grote pluim voor onszelf. (okee, vooral voor Joos dan, maar toch …) Ook de rest is zo goed als af. Het werd een rustige namiddag. Eerst gingen we een kijkje nemen op de werf waar we de volgende week zouden werken. Daarna gingen we met Daniel en Mario zwemmen in een meer in Kroatie.

Zaterdag 23/7
Opnieuw weekend, dus weer 2 dagen ertussenuit. Wat uitgeslapen, in busje gestapt en naar Mostar gereden. We zijn er niet lang gebleven, maar hebben er wel een moskee bezocht (mooi, maar toeristisch uitgebuit) bezocht. In de moskee was ook een toeristisch winkeltje. Ze verkochten er, naast een hoop Turkse spulletjes, ook souvenirs gemaakt van kogelhulzen (sleutelhangers, balpennen, …). Wij vonden dat behoorlijk ziekelijk. De kerel in het winkeltje was er vol trots over aan het vertellen.
De avond hebben we doorgebracht in Sarajevo.

Zondag 24/7
In Sarajevo bezochten we ondermeer de oude, Kroatische bibliotheek. Het gebouw werd tijdens de oorlog door de Serven in brand gestoken, waardoor 2000 oude en waardevolle boeken in brand vlogen. In het gerestoreerde gebouw was net een fototentoonstelling aan de gang over Srebrenica (exact 10 jaar geleden). We waren allemaal zeer onder de indruk toen we buitenkwamen.
In Sarajevo hadden we het daarna wel gezien. Op onze kaart stond in de buurt een natuurpark aangeduid en we besloten daar eens een kijkje te gaan nemen. Het natuurpark lag op een berg. Ergens onderweg zijn we even gestopt op een plaats waar we een goed uitzicht hadden over Sarajevo. We waren niet de enigen die daar even stopten. Plots kwam een man op ons af: “ha, Vlamingen”. Even mee staan praten, hij wou weten wat we in Bosnie deden, enzovoort. Zelf wou hij niet veel lossen over wat hij er deed, behalve dat hij er “beroepsmatig” was, maar op zijn auto stond in grote letters “EUFOR”, vredesmacht dus. Hij raadde ons sterk af om naar dat natuurpark te gaan: “als je morgen nog wil leven: niet doen!!!!” We bleken recht naar het grootste mijnenveld van Bosnie te rijden. *slik*
Nog wat met de mens staan praten. Hij wou ons iets laten zien: de bunker van Mladic (generaal van de Serven tijdens de oorlog). De bunker stond bovenop de berg, midden in het mijnenveld. We kregen dus eerst een lijstje van wat we wel en niet mochten doen, en vervolgens reden we achter zijn jeep aan het mijnenveld in. Een eerste keer halt gehouden bij de bobsleebaan van de winterspelen van ’84, nu een klein beetje vervallen. Hier hebben we ook voor het eerst een bordje ‘PAZI – MINE’ (opgepast – mijnen) gezien. Heel klein plakkaatje, we waren er al een paar los voorbijgereden.
Daarna doorgereden naar de bunker, oorspronkelijk ook gebouwd voor de winterspelen. Van hieruit kon je de hele stad zien. De Vlaming en Matthias, zijn Kroatische gids, gaven uitleg bij wat we daar te zien kregen.
Een ongelofelijk geluk en toeval dus. Voor hetzelfde geld hadden we niet alleen 2 goeie gidsen en een zeer boeiende uitleg misgelopen, maar hadden we doodleuk gaan rondhuppelen in een mijnenveld …
Toen ze ons verlieten was het nog redelijk vroeg in de namiddag en hadden we nog wat tijd over voor we terug naar Grude moesten. De Vlaming, we mochten hem CJ noemen, raadde ons aan terug te rijden via een andere, veel langere, weg, door een zeer mooi landschap. Dat hebben we ook gedaan en we moesten hem gelijk geven wat het landschap betreft.

Maandag 25/7
Vandaag begonnen op de tweede werf. De muren bleken in veel slechtere staat als verwacht en alle cement viel van de muren zodra we eraan kwamen. Alles eraf kloppen dus, tot op de blote stenen. Loodzwaar werk, met een zware hamer op die muur staan kloppen, maar ik vond het leuk. Goed voor de conditie ook.
Probleem: de volgende dagen wacht ons de moeilijke taak opnieuw een laag cement op de muren te zetten. Maar het moet lukken.

Dinsdag 26/7
Opnieuw bezoek van een schorpioen, dit maal in het huisje van Eva (tweede werf). Een kleintje, we waren niet meer heel erg onder de indruk.
Vorige week had Milenko zijn zelgemaakte oven wat bestoefd en reeds gezegd dat hij “eens voor ons wou koken”. Niemand had zin om te gaan eten bij hem, maar we zagen niet direct hoe we zijn aanbod beleefd konden afslaan, dus hadden uiteindelijk maar toegezegd. Achteraf bleek dat hij verwachte dat we ons eten zelf eerst gingen kopen en aan hem gaven. Een beetje vreemd, zeker in vergelijking met onze kampgenoten die zelfs moeite hebben een biertje aan te nemen van “hun gasten”. Maar geen probleem, we kochten ons eten en gaven het aan hem.
Na het werk dus snel allemaal gedouched, onze beste kleren aangedaan en naar zijn huis gegaan. Daar kregen we twee ovenwanten, en de grote, gloeiendhete ovenschotel en een zelfgebakken brood in onze pollen geduwd. “alstublieft, kom de schotel morgen maar terugbrengen.” Wij een beetje verbouwereerd naar huis, maar opgelucht dat we ontkomen waren aan een hele avond seksistische grapjes.

Woensdag 27/7
De warmste dag tot hiertoe, Maarten had te lang buiten cement staan maken en is in de namiddag naar het kamp gebracht met een zonneslag. Daniel, Mario en de andere jongeren van het kamp hadden ons uitgenodigd voor een bbq die avond. Één en ander kwam er echter tussen en de bbq moest uitgesteld worden tot de dag erna. Omdat we geen eten voorzien hadden, zijn we nog eens naar de kiwi getrokken, het restaurantje van de eerste dag.

Donderdag 28/7
Ik heb zelf zitten zwoegen op het ingemaakte kastje in de muur, waar ook cement in moest komen. Een moeilijke opdracht, ik heb er lang op zitten zwoegen op een vrij perfectionistische manier, maar het is me gelukt om de randjes recht te krijgen en ik ben er verdorie fier op.
’s Avonds bbq. Daniel kwam ons halen en nam ons mee naar een open plek in het bos, naast de rivier waar we eerder al zijn gaan zwemmen. Daar moesten we eerst nog hout gaan sprokkelen. Met het gevonden hout begonnen de jongens een kampvuur te maken. Enkele uren later werden de assen uit het vuur geschept en hierboven werd een roostertje met kleine stukjes vlees gehouden. Sarah en ik (vegetariers) hadden geen te hoge verwachtingen gesteld en opvoorhand al een slaatje gemaakt en ingepakt. Zo hadden we ook wat te eten.
Tussendoor was er nog ruim de tijd om even in het water te springen en wat te gaan zwemmen.
Achteraf nog lang rond het vuur blijven liggen. Het was een gezellige avond. Voor het eerst waren er overigens meisjes bij. Tot hiertoe hadden we enkel met de jongens van het kamp kunnen kennis maken. We hadden in het kamp amper 2 meisjes gezien tussen pakweg 14 en 30 jaar. Naar verklaringen kunnen we enkel raden.
Het meest populaire drankje bij de Kroaten: bamboos (of zoiets), een mengeling van rode wijn en cola.

Vrijdag 29/7
Laatste dag in Bosnie. Jammergenoeg hebben we het tweede huisje niet kunnen afwerken. De cement moest nu drogen en de volgende groep kon pas de muren bepleisteren en schilderen.
De rest van de groep moest inkopen doen voor de reis, opruimen op kamp en Maarten naar het ziekenhuis brengen. Die werd hoe langer hoe zieker en we begonnen te vrezen dat hij de reis niet ging aankunnen. Na een zeer bedenkelijk onderzoek was de diagnose: “keelontsteking”. Heel vreemd, vooral omdat hij geen keelpijn had. Maar goed, dokter weet best, dus hij begon met de medicatie die hem was voorgeschreven en we hoopten dat het de dag erna beter zou zijn.
Joos wou een nieuwe gitaar kopen in een gitaarwinkel in Ljbuski, Daniel ging mee. Op het laatste moment zijn Sarah en ik ook in de auto gesprongen. Het is een fijn uitstapje geworden. Gitaar gekocht, wat rondgereden en de streek bekeken met Daniel als gids, nog een watervalletje bezocht, … Onderweg wel klein accidentje gedaan met de auto. Tegen paaltje gereden. Woops …
Toen we terugkwamen werden we tegemoetgelopen door Aurelie. “het gaat niet goed met Maarten”. Hij bleek een wonde aan zijn voet te hebben die zwaar ontstoken was, maar had er tegen niemand iets van gezegd. In de loop van de namiddag was zijn hele been echter rood geworden en hij nog zieker dan tevoren. Onze frank begon te vallen. Terug naar het ziekenhuis. Andere dokter dit keer en Daniel als tolk. Medicatie van vanmorgen stopgezet, nieuwe medicatie, voet verzorgd. Het bleek te helpen dit keer. De koorts ging weg en de kleur in zijn gezicht kwam terug.
Daarna nog langs het voetbalveld gereden. Van een Belgische voetbalploeg hadden we een stapel voetbaltruitjes gekregen die we aan de plaatselijke ploeg cadeau moesten doen. Het was al laat, dus niet lang gebleven en snel doorgereden naar het huisje van Jerko om afscheid te nemen van hem, zijn vrouw en Milenko. We werden uitvoerig bedankt. Jerko was echt gelukkig met het resultaat. Zijn ogen glinsterden iedere keer hij zijn huisje binnen stapte. Wij dus tevreden met wat we daar hadden uitgestoken, ook al zijn het dan maar een paar mensen die we geholpen hebben …
’s avonds ingepakt, ingeladen en cadeautjes uitgedeeld aan de kinderen. Daarna nog een hele tijd zitten nakaarten en dan afscheid genomen van Daniel en Mario, het minst leuke gedeelte van de reis.
Toen die twee weg waren hadden we eigenlijk moeten gaan slapen, maar niemand had daar zin in. We zijn voor de deur van onze container tegen elkaar gerold en blijven babbelen tot een diep in de nacht.

Zaterdag 30/7
Iets later opgestaan dan gepland, laatste inpak, nog wat foto’s trekken van het kamp en dan vertrekken. De kindjes kwamen ons uitwuiven. Ze stonden er allemaal wat ongemakkelijk bij te kijken. We hebben ze allemaal nog een knuffel gegeven en zijn dan vertrokken. Achteraf bleek dat we allemaal hetzelfde zaten te denken: “Wat zal er worden van deze kinderen? Zullen ze alle kansen krijgen die ze verdienen?”

foto's: http://eefjekegelaers.spaces.live.com/photos/cns!9CF533868451B53E!221/

Eefje in Bosnia and Herzegovina bellen kan nu véél goedkoper met HalloBuitenland.be

Reageer op dit reisverslag

Eefje verrassen met Hollandse lekkernijen?

Dat kan via Heimweewinkel.nl van de Telegraaf. De online winkel met Nederlandse producten voor uw geliefden en bekenden in het buitenland. Van drop tot pepernoten en van HEMA producten tot Delfts blauwe souvenirs. Alles wat je wilt versturen naar het buitenland op één plek.

Bestel nu een Hollands geschenkpakket voor Eefje

Profiel


Mijn reisstatus:
Ik ben weer thuis
Mijn huidige reis:
Mijn eerste reis
(2007)
Mijn bezochte landen:
AlbaniëOostenrijkBelgiëKroatiëDuitslandHongarijeMacedoniëServie en MontenegroBosnia and Herzegovina

Fotoboek

Je computer beschikt nog niet over Flash. Download en installeer Flash.
Typisch straatje in Skopje
Typisch straatje in Skopje
Uitzicht vanop fort
Uitzicht vanop fort
Op verzoek
Op verzoek

Recente reisverslagen

Bosnia and Herzegovina  29/11/2007 Flashback: bou... (0)
Servie en Montenegro  29/10/2007 Dag 16-18: Mon... (0)
Servie en Montenegro  26/10/2007 Dag 12-15: de ... (1)
Albanië  23/10/2007 Dag 10-12: Tir... (2)
Macedonië  20/10/2007 Dag 6-9: Bitol... (7)

Blijf op de hoogte

E-mail
RSS
Widget

Ja, ik wil direct een e-mail ontvangen na elk nieuw reisverslag!

Mijn e-mailadres:

Via je mobieltje op de hoogte blijven van elk nieuw reisverslag? Stuur een sms
START FOLLOWING EEFJEINHONGARIJE ON
naar 1008.
(€ 0,55 p.o.b. max.1 per dag. Lees de voorwaarden)

Voeg de link toe aan je favoriete RSS reader



Wat is dit?

Voeg de volgende HTML code toe aan je weblog/hyve/enz: Lees verder...

Dit dagboek heeft in totaal 25916 pageviews en is onderdeel van WaarBenJij.Nu